essay-deel-1919

Na het ontslag bij het ‘Ballets Russes’ is Nijinsky met zijn vrouw -de oorzaak van Diaghilev jaloezie- naar Zwitserland gereisd. Dertig jaar na het intreden van Nietzsches Nacht, slaat in Sankt Moritz nu ook het noodlot van de waanzin bij Vaslav Nijinsky toe. Nijinsky’s echtgenoot wordt daarop aangesproken door een bediende:
“Mevrouw, vergeef me. Weet u nog dat ik u vertelde dat ik vroeger in mijn dorp Sils Maria dikwijls boodschappen deed voor meneer Nietzsche? Mevrouw, vlak voor die werd opgenomen, zag hij er precies hetzelfde uit als meneer Nijinsky nu, en hij gedroeg zich net zo.” 88)
In hetzelfde jaar wordt in Duitsland de republiek van Weimar uitgeroepen. Een democratie met kiesrecht en een parlement. Alles veilig vastgelegd door een grondwet die, volgens artikel 48, enkel door de president buiten werking mag worden gezet in het geval van een noodtoestand, pas wanneer er echt gevaar dreigt.
Achtentwintig jaar later, in 1947, schrijft Paul Celan Todesfuge. 89) Het gedicht staat haaks op de uitspraak van Adorno uit 1949; het is niet alleen een gedicht ná Auschwitz, maar ook een tekst waarin de woorden, de zinnen, tot diep in de kern van de Holocaust zelf door dringen. De muzikale ‘vlucht’-vorm van de Duitse Meesters wordt in de tekst vertaalt tot een rigide systeem. Zinnen worden als motieven herhaald en gevarieerd waardoor nieuwe combinaties ontstaan die de waarheid vervormen of in een ander licht plaatsen. Zoals in een fuga de thema’s onderling elkaar opjagen, zo lijkt hier de taal voor haar eigen zinnen te vluchten. Contrapunt treedt op tussen de tegenstellingen: graf in de lucht, zwarte melk, haar uit as en goud, het bevel tot de dans en het delven van graven. Het Duitsland van de Holocaust wordt gevangen, door het taal-motief:
“Der Tod ist ein Meister aus Deutschland”

You are welcome, to leave something too / Fühlen Sie sich eingeladen, ebenfalls etwas zu hinterlassen / Voelt u zich vrij ook iets achter te laten